Meer kennis en inspiratie over schilderwerk?
Meld u dan aan voor onze nieuwsbrief! Hierin geven wij tips, onderhoudsadvies en delen wij kennis over het schilderwerk van uw pand.
Het wordt kouder, de dagen worden korter en de kans op regen neemt toe. Betekent dit automatisch dat buitenschilderwerk moet wachten tot het voorjaar? Nee. Ook in de winter kan er vaak buiten worden geschilderd. Maar de omstandigheden bepalen of het verantwoord is.
Het idee dat buitenschilderwerk alleen tussen april en oktober mogelijk is, is achterhaald. Moderne verfsystemen maken schilderen bij lage temperaturen mogelijk. Sommige professionele vierseizoenenlakken kunnen zelfs vanaf ongeveer 0 °C worden verwerkt. Maar dat betekent niet dat iedere koude winterdag automatisch een geschikte schilderdag is. De omstandigheden moeten kloppen.
Een van de belangrijkste waarden is de relatieve luchtvochtigheid, meestal aangeduid als RV. Voor buitenschilderwerk wordt over het algemeen een maximale relatieve luchtvochtigheid van 80% tot 85% aangehouden. Boven die waarde neemt het risico toe dat verf onvoldoende of te langzaam droogt en dat condensvorming problemen veroorzaakt. Een relatieve luchtvochtigheid van onder de 80% is ideaal voor de droging en doorharding van vele verven. Een koude, droge winterdag kan daardoor gunstiger zijn dan een zachte maar zeer vochtige herfstdag.
Meld u dan aan voor onze nieuwsbrief! Hierin geven wij tips, onderhoudsadvies en delen wij kennis over het schilderwerk van uw pand.
Ook het hout zelf moet voldoende droog zijn. Bij professioneel schilderwerk wordt voor houten ondergronden in het algemeen een maximaal houtvochtgehalte van 18% aangehouden voordat het verfsysteem wordt aangebracht. Dat percentage kun je niet betrouwbaar bepalen door alleen even aan een kozijn te voelen. Een vakschilder kan het vochtpercentage meten met een houtvochtmeter. Is het hout te vochtig, dan kan het vocht als het ware onder de nieuwe verflaag worden opgesloten. Dat kan uiteindelijk problemen veroorzaken met de hechting en duurzaamheid van het schilderwerk.
De belangrijkste waarden op een rij:
Luchtvochtigheid: maximaal 85% RV
Houtvocht: maximaal 18%
Ondergrond: minimaal 3 °C boven het dauwpunt
Temperatuur: afhankelijk van het gebruikte verfsysteem; sommige vierseizoenenproducten zijn vanaf circa 0 °C toepasbaar
Lucht bevat vocht. Wanneer een oppervlak voldoende koud wordt, kan dat vocht condenseren. Denk aan een spiegel die beslaat na het douchen. Buiten kan hetzelfde gebeuren met een kozijn. Daarom wordt bij schilderwerk een belangrijke veiligheidsmarge gehanteerd: de temperatuur van het te schilderen oppervlak moet minimaal 3 °C boven het dauwpunt liggen.
Een voorbeeld: is het dauwpunt 4 °C, dan moet het oppervlak dat wordt geschilderd dus minimaal ongeveer 7 °C zijn.
Vooral in het najaar en de winter kunnen omstandigheden gedurende de dag snel veranderen: een droge en zonnige middag kan in de uren daarna omslaan in sterk afkoelende en vochtigere omstandigheden. Daardoor kan de ondergrond richting het dauwpunt afkoelen terwijl de verf nog niet volledig is gedroogd. Een vakschilder kijkt daarom niet alleen naar het weer op het moment van schilderen, maar ook naar de verwachte temperatuur, luchtvochtigheid en droogtijd in de uren erna. Besluit een schilder ondanks ogenschijnlijk goed weer om het werk uit te stellen of eerder te stoppen, dan kan dat juist een teken zijn van zorgvuldig en professioneel vakmanschap.
Ook in de winter zijn er vaak goede mogelijkheden voor binnen- en buitenschilderwerk. Wacht daarom niet automatisch tot het voorjaar, maar laat een vakschilder beoordelen wat nu al mogelijk is.
Vind een aangesloten schilder bij u in de buurt en plan uw schilderwerk